12 juni 2011

Verslagreeks #kvan11 - Gevaarlijk gebied, door geen mens te betreden


Dit is de tweede blogpost in een reeks posts over de KVAN-dagen 2011.

De uitnodiging om tijdens de KVAN-dagen een lezing te verzorgen had Kester Freriks te danken aan zijn in 2010 verschenen boek Verborgen wildernis. Vroeger was het een teken van gebrek aan beschaving als je een wildernis aantrof. Vandaag de dag is volgens hem juist het creëren van wildernis een teken van beschaving. Waar het landschap als archief een leesbaar landschap herbergt, gaat Freriks in zijn monografie, geïllustreerd met prachtig kaartmateriaal uit de 17e-eeuwse historische Atlas der Nederlanden, op zoek naar het onleesbare landschap: de wildernis. En dat in Nederland. Dus.

Freriks ervoer zijn eerste kennismaking met een archief als een eerste ontmoeting met levend verleden. Zijn eerste historische sensatie beleefde hij bij het lezen van een historisch dagboek. In zijn boek gaat hij op zoek naar diezelfde historische sensatie bij de eerste ontmoeting met de ruige natuur in Nederland.

Het landschap van Nederland is overal keurig in kaart gebracht en nauwkeurig beschreven. Het archief van dat landschap ligt besloten in tekeningen van landmeters, rapporten over natuurgebieden en ontelbare andere bronnen. Maar Freriks zoekt naar het archiefloze landschap, de witte vlekken op de kaart. "Door geen mens te begaan," zoals deze gebieden op oude kaarten staan omschreven.

Maar helaas, want waar Freriks ook zocht in Nederland, overal kwam hij sporen van menselijk ingrijpen in het landschap tegen. In zijn meest minimale vorm wel het geven van een naam aan een gebied, maar ook in het landschap zelf. Paaltjes die een begaanbaar pad tonen, stenen die een bepaald punt markeren, subtiel en verborgen. Mensen zijn overal geweest en lieten hun sporen na.

Freriks' zoektocht leverde een mooi boek op en een aardige lezing. Maar geen wildernis.

Reflectie
Alhoewel ik sympathie koester voor de wens (en de vader van de gedachte) van Freriks en ik me kan voorstellen dat hij een mooie tijd heeft gehad aan het doorkruisen van ons land en haar natuur, vind ik hem in zijn missie ook wat naïef: Nederland heeft geen wildernis meer, alleen cultuurland. Zelfs onze ruigste gebieden zijn door de mens aangelegd, de oerkoeien worden er 's winters bijgevoederd en het toeristenbureau verkoopt er fietsroutekaartjes van.

Freriks zelf citeert tenslotte dan ook Van der Woud, die al zei dat geen enkel stukje land in Nederland met rust is gelaten. Iedereen wilde er heen. En dat gold dus ook voor Freriks, die wilde zijn waar niemand ooit was. Een treurige constatering dat juist door zijn zoektocht naar die ruige natuur, het schrijven van een boek daarover en het geven van lezingen, Freriks al doende onbewust meehelpt aan het verder verdwijnen van datgene waar hij zo naar op zoek is: wildernis in Nederland.

Foto: natuurgebied Tiengemeten

Eerdere blogposts in deze verslagreeks:
- 'Het landschap staat in mij geschreven': landschapsverbeelding in archieven (Bert Looper)

2 opmerkingen:

  1. Hele mooie conclusie. Beetje pijnlijk toch ook voor meneer Freriks. Zijn wens om onondekte wildernis te ontdekken leidt onherroepelijk tot minder onontdekte wildernis.

    Overigens is het belachelijk dat wij hier in Nederland een (kostbaar) beleid voeren dat de natuur terug moet brengen. Schei toch uit! Dat gebeurt alleen als wij zelf vertrekken, anders blijven we cultuurlandschap vermarkten als natuurlandschap.
    Ook een beetje treurig.

    Maar deze blogpost stemt tot vrolijkheid! Dat was toch de bedoeling?
    ;)

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Duul58: Ik hoop met mijn blogposts altijd tot een beetje vrolijkheid te stemmen. :-)

    En ja, het zijn desondanks dit keer wat treurige constateringen. Natuur of zelfs wildernis in Nederland krijgen we alleen door gebieden af te palen en daar vervolgens uit weg te blijven. Alhoewel de paar hectaren die we er in Nederland her en der voor vrij kunnen maken, nooit genoeg zijn als leefgebied voor de meeste beesten. Zoals van die oerkoeien. Vandaar natuurlijk ook het bijvoederen en afschieten.

    De natuur redt zich prima zonder de mens. Als ze maar de ruimte krijgt. En juist daar zit hem in ons kleine landje natuurlijk de kneep.

    Dank voor je reactie!

    BeantwoordenVerwijderen