14 oktober 2011

Gezien: Aïda


Ik zit me wat in het theater dit jaar! Vorige week nog in De Leest (Waalwijk) bij Claudia de Breij. Over haar voorstelling Hete Vrede kan ik kort zijn: een hele goede voorstelling rond de toekomstige vraag van je kleinkinderen: "was jij goed of fout tijdens de Hete Vrede? Wat heb jij gedaan om het tegen te gaan?" Een vraag die weliswaar stemt tot nadenken, maar ook een voorstelling die je de volgende dag gewoon weer verder laat gaan met waar je al dan niet mee bezig was. Het is niet anders.

Aïda
Met heel wat minder maatschappelijke pretenties zaten we deze week in Theater aan de Parade (Den Bosch) bij Aïda, opgevoerd door Staatsopera Tatarstan. Deze opera beleefde de première in 1871, in Caïro, ter gelegenheid van de opening van het nieuwe operagebouw aldaar.

Het verhaal speelt zich ook af in Egypte, waar de ambitieuze legeraanvoerder en oorlogsheld Radames verliefd wordt op Aïda, slavin van de dochter van de Farao. Die dochter, Amneris, heeft natuurlijk zelf een oogje op Radames en als vervolgens ook nog eens de vader van Aïda met z'n legers vanuit Nubië ten strijde trekt tegen Egypte, en Radames hem tot twee keer toe moet trotseren, is het drama compleet. Aïda wordt tot slot door pa onder druk gezet om van Radames geheime informatie te ontfutselen, Amneris komt daar achter, Radames wordt ter dood veroordeeld, Aïda in tranen, Amneris vol spijt en nou ja, drama alom.

Want drama, dat is het, eigenlijk al vanaf het begin. Vooral met Aïda moet je haast wel medelijden krijgen (ze vraagt daar ook voortdurend om) want alles zit zowat tegen in haar leventje.

Prachtige decors, hele mooie kostuums en schitterend zingen. Gek genoeg was ik het meest onder de indruk van de aria's waarin de koren meededen, terwijl ik normaal gesproken wat afkerig ben van dat soort bombastische toestanden. Eigenlijk houd ik meer van de kleinere, intiemere liedjes. Maar de hele opera ademt een sfeer uit van grootsheid, dus misschien dat ik me dit keer wat heb laten meeslepen.

Wat me tegenviel, dat was de boventiteling. Die ontbrak soms. Lang niet altijd was dat erg hoor, want heel vaak heb je genoeg aan de kern van het verhaal en bieden de rest van de teksten slechts meer van hetzelfde - het is dan zelfs wel fijn als de boventiteling zwijgt en je al je aandacht op het podium kunt vestigen. Maar in de slotscène was het gemis wel ernstig. Natuurlijk weet je wat er gebeurt (het is een opera, dus ze gaan dood) maar ik miste persoonlijk wel een stuk beleving, doordat ik nu niet precies wist hoe Radames en zijn Aïda hun laatste momenten samen beleefden. Jammer, want het gevoel bleef bij mij nu wat vlak, ondanks het treurige einde.

Maar goed, desondanks een hele mooie opera, ook heel mooi opgevoerd.

En bovendien heb ik die avond geleerd dat ik zelfs al een operaliedje kende voordat ik opera's kende: de Triomfmars!

2 opmerkingen:

  1. Ik was er ook, zoals je weet, en ik heb er tevens van genoten. Ik ben niet speciaal voor of tegen de bombastica (ik houd vooral van de afwisseling), maar ik betrapte me erop hier toch ook erg meegesleept te worden door de dramatiek en de krachtige koorzang. Het werkte, zullen we maar zeggen. Wat ook werkte: de scenes waarbij het koor zong in de coulissen. Als relatief nieuwe operabezoeker vond ik dat een heel krachtige vondst. Waar ik me een beetje aan heb geërgerd: de toch wel in het oog springende lelijkheid van Ramades en Aïda. Ze hoeven niet altijd een blonde god en Nubische prinses te zijn, maar daarop had toch wel wat beter gecast kunnen worden. Over beider stemmen overigens alleen maar lof. En daar gaat het dan maar om.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Raymond: Je hebt helemaal gelijk - ik vond dat zingen van die koren 'buiten beeld' ook erg mooi gevonden. Op de een of andere manier trok me dat nóg meer het verhaal in.

    Op de aantrekkelijkheid van de hoofdrolspelers heb ik niet gelet en hoe dan ook heeft het me in ieder geval niet gestoord. Zingen konden ze! :-)

    Bedankt voor je reactie.

    BeantwoordenVerwijderen