29 mei 2012

Gezien: Kees Torn - Loze Kreten


In de eerste week van mei zag ik Kees Torn bij De Wereld Draait Door, die praatte over zijn afscheid van het theater op 5 mei. Zijn eigen 'bevrijdingsdag'. Torn zag ik al twee keer eerder en dat smaakte gerust naar nog een derde keer, zeker als het wel eens de laatste keer zou kunnen zijn. Dus zat ik samen met Wilma op 4 mei - rare dag daarvoor - in het Eindhovense Parktheater voor zijn voorstelling Loze Kreten.

Kees Torn (foto: Menno Leutscher)
De laatste keer dat ik Torn zag was in Waalwijk, en al het publiek wat toen in de zaal zat, zou mijn huiskamer nog niet eens hebben gevuld. Maar in Eindhoven kon er geen kip meer bij. Een bomvolle zaal zag Torn zoals hij al die jaren leek te zijn geweest, als een wat verstrooide mens op het podium, die je eigenlijk steeds het liefst zou willen helpen om te zeggen wat jij denkt dat hij denkt te willen zeggen ("Ik word wel vaker verkeerd begrepen").

Dat is bepaald niet nodig overigens. Door zijn liedjes, die wiskundig precies en taalkundig gaaf zijn, merk je al snel dat Torn een (in zijn eigen woorden, overgenomen van die van anderen) 'taalvirtuoos' is in de traditie van Drs. P. Maar dan anders.

Het verhaal ging vooral over de wetenschap - Torns huidige fascinatie voor de elementaire deeltjes en het standaardmodel werden gaandeweg de voorstelling akelig duidelijk - en de liefde voor zijn vrouw José, die dan ook regelmatig even als onderwerp bij het gesprek met de zaal werd betrokken.

Maar ik kwam voor de liedjes. Zoals het grappige lied dat hij schreef toen hij, naar eigen zeggen, met het verkeerde been uit bed was gestapt, en dat hij - om problemen te voorkomen - dan maar over een fictief persoon had geschreven: over God, en over hoe Hij het toch allemaal een stuk beter had kunnen aanpakken.

Of het liedje waarin couplet na couplet levensvormen passeren - van de eendagsvlieg tot een boom van een paar duizend jaar oud - die zich beklagen over hun veel te korte leven. Waarbij de namen van de beestjes, in Torns eigen beste traditie, natuurlijk niet alleen gewoon moeten rijmen, maar ook namen van één en vier lettergrepen elkaar consequent moeten afwisselen. Zo simpel, zo ontzettend knap.

Sowieso is Torn nogal gek met (soms gespeeld dwangmatig in) dit soort taalspelletjes. Als je de eerste letters van alle titels van al zijn opeenvolgende programma's achter elkaar leest, dan vormt zich het woord 'lapmiddel'. Dat verzin je niet achteraf hè...

Topper van de voorstelling was trouwens Luchten kan niet meer, een perfecte parodie op het bijna gelijknamige nummer van Jenny Arean. Over een raampje dat niet meer sluit.

Kortom
Ten overstaan van wat ik van Torn kende, niks nieuws. Maar hoe dan ook, gewoon heel erg goed. Uniek in het theater, zal ik Torns bijdragen in het theater aan het Nederlandse cabaretpalet nog gaan missen.

Aanbevolen leesvoer
Vrijdagavond cabaret: Streepjescode
- Wat ik nog meer zag

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen