2 mei 2013

De middeleeuwse schepenprotocollen van 's-Hertogenbosch: centrale bron voor de reconstructie van de stedelijke administratie


De komende blogs doen verslag van het colloquium "Tools, People and History" dat op 25 en 26 april plaatsvond in Leuven. Aanleiding was het project Itinera Nova van het Stadsarchief Leuven waarin het archief van de Leuvense schepenbank digitaal toegankelijk gemaakt wordt.

Dr. Geertrui Van Synghel is dé specialist aangaande het zogenoemde Bosch' Protocol, de schepenprotocollen van 's-Hertogenbosch. Ze promoveerde op een proefschrift over de stedelijke secretarie van Den Bosch tot omstreeks 1450. Tegenwoordig werkt ze onder andere aan het Digitaal Oorkondenboek van Noord-Brabant.

Bewaard
Weddenschappen op het krijgen van kinderen, het op afzienbare termijn trouwen of het maken van een reis naar Venetië. Of zelfs op de behouden terugkeer van de zes jaar daarvoor gesneuvelde Karel de Stoute; het Bosch' Protocol staat vol eigenaardigheden. Maar is bovenal een prachtbron voor de geschiedenis van de Meierij vergelijkbaar met de Leuvense schepenregisters voor Leuven en omstreken.

In tegenstelling echter tot die Leuvense registers, zijn die van Den Bosch niet ongeschonden de eeuwen doorgekomen. Brand eiste zijn tol, door mensenhanden werd de interne volgorde nog wel eens verstoord en restauraties deden soms meer kwaad dan goed; zo zijn de oudste registers onherstelbaar beschadigd. Maar gelukkig hebben we de microfilms nog!

Door dienstaantekeningen op oude oorkonden (bijvoorbeeld aantekeningen dat betalingen waren verricht, aantekeningen die ook in het protocol moeten zijn ingeschreven) weten we, volgens Geertrui, dat er in ieder geval vanaf 1350 een Bosch' Protocol is geweest. Het oudst bewaard gebleven register dateert echter pas van 1366. In dat jaar werd aan de Bossche Markt door het stadsbestuur een huis gekocht, wat het raadhuis werd, waar de registers 'veilig' werden bewaard.

Bekeken
Zoals gezegd heeft Geertrui onderzoek gedaan naar de stadssecretarie van Den Bosch. Voor dergelijk onderzoek zijn vier onderzoekspistes beschikbaar: 1) via namen van stadsklerken in oorkonden, 2) via signaturen van stadsklerken of secretarissen in oorkonden, 3) via namen van personeel in stadsrekeningen, en 4) via aanstellingsoorkonden.

Maar jammer genoeg zijn er in het Bosch' Protocol nauwelijks namen en signaturen van klerken en secretarissen te vinden, stadsrekeningen zijn er vrijwel niet bewaard en aanstellingsoorkonden pas vanaf heel laat.

Geertrui moest daarom langs de off piste onderzoeken, door een paleografisch onderzoek (ofwel schriftkunde), meer concreet door het vergelijken van handschriften in oorkonden, protocollen en andere akten. Een gigaklus, maar achteraf vertelde ze me dat ze vond dat zij dit per se moest doen, aangezien het aantal mensen dat voor dit onderzoek de kennis én de tijd had of heeft, nou eenmaal klein is.

Beschermd
Geertrui kwam na veel handschriften vergelijken tot een groslijst van 164 verschillende handschriften en dus auteurs, die ze vervolgens kon vergelijken met de namen uit notarisakten (waarnaar al eens door iemand anders onderzoek was verricht). Zo kon ze uiteindelijk toch veel klerken en secretarissen identificeren - het notariaat was altijd sterk verbonden geweest met de stadssecretarie - hun loopbaan achterhalen en al doende de Bossche secretarie in kaart brengen.

Interessant was nog de taal die in de protocollen werd gebezigd. Waar je elders ziet dat er begonnen wordt in het Latijn, maar dat later wordt overgegaan op het Middelnederlands, zie je in Den Bosch dat er veel afwisselender gebruik wordt gemaakt van beide talen. En zelfs dat later weer terug wordt overgestapt naar het Latijn. Zelfs door de schepenen tijdens hun dienstreizen gemaakte aantekeningen in het Middelnederlands, werden later door de secretarie even zo gemakkelijk uitgewerkt en vertaald naar het Latijn!

Volgens Geertrui kan dit te maken hebben met de dominante positie van het notariaat binnen de Bossche stadssecretarie. Door middel van de taal, het Latijn, kon het notariaat zorgen voor een monopolie op posten binnen de secretarie voor de beroepsgroep van notarissen. Zouden ze immers in de volkstaal gaan schrijven, tja, dan kon iederéén wel klerk of secretaris worden...

Kortom
Erg goed om weer meer te leren over deze mooie, belangrijke archiefbron voor iedereen die onderzoek doet in de Meierij vóór 1811. En dat kan op termijn ook digitaal, want Geertrui wist te verklappen dat er op het Stadsarchief 's-Hertogenbosch geld is gevonden om nog dit jaar het Bosch' protocol te digitaliseren. Nou nog een slimme manier vinden om de registers ook écht toegankelijk te maken. De bestaande kaartsystemen beslaan vooral de 14e en 15e eeuw. Leuven bood alvast veel inspiratie (alhoewel het dan niet echt op zal schieten natuurlijk).

Gerelateerde verslagen
- Marika Ceunen, De Leuvense schepenbankregisters: een sleutel tot het leven van alledag in Leuven en Brabant
- Richard Millington, How to recruit and keep volunteers for your online community
- Jan d'Hondt, The City Archives of Bruges, the circle of friends 'Levend Archief' and the Working group 'Enter': three peas in a pod

2 opmerkingen:

  1. Betekent dit dat de Bossche Protocollen gedigitaliseerd zijn en van indices zijn voorzien? Dus als ik R 1175, fol 328v intik dat ik dan een acte uit 1367 te zien krijg?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. @Anoniem: De protocollen worden gedigitaliseerd. Hoe ver het hiermee staat kan ik niet zeggen. Ze staan in ieder geval nog niet online. Hoe ze daarbij precies toegankelijk worden gemaakt is mij nog niet bekend. Als je hierover meer informatie wilt hebben, dan zou je eens contact kunnen opnemen met mijn collega's van het Stadsarchief 's-Hertogenbosch.

    BeantwoordenVerwijderen