Posts tonen met het label Toegankelijk maken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Toegankelijk maken. Alle posts tonen

5 september 2013

Goed genoeg is ruim voldoende


Update: het artikel is niet meer online te lezen op de website van InformatieProfessional, maar gelukkig nog wel te downloaden van Archief 2.0.

Voor InformatieProfessional schreef ik een artikel over slim samenwerken met archiefgebruikers, getiteld Goed genoeg is ruim voldoende. Het artikel sluit aan bij een eerdere blogpost over dingen waar ik blij van word.

Crowdsourcingsprojecten blijken een succesvolle manier om archieven met de hulp van het grote publiek in rap tempo online toegankelijk te maken. In voorgaande decennia hebben allerlei archiefvorsers op dat vlak echter ook al bergen werk verzet. Bij het BHIC proberen we daarmee ons voordeel te doen. Daartoe moeten we niet alleen samenwerken maar ook slimme keuzes maken. In dit artikel beschrijf ik onze ervaringen. Ter illustratie neem ik de toegankelijkheid van onze schepenprotocollen onder de loep.

Zoals gewoonlijk leg ik de meeste nadruk op het aspect houding. Ik geloof dat we meer dan anderen het meest onszelf in de weg zitten:

Standaardlijstjes voor aktesoorten, apart vermelden van persoonsnamen en rollen, normalisaties van plaatsnamen en specifieke velden voor belendingen - het is allemaal mooi en aardig, maar het betere is ook hier vaak de vijand van het goede. (...)
Onze professionele wens om archieven op de best mogelijke manier te ontsluiten, slaat geregeld door in de neiging om archieven op de best denkbare manier te ontsluiten. Een neiging die mijns inziens onderdrukt moet worden. Want vanaf een zeker punt levert meer werk naar verhouding nauwelijks nog meerwaarde op.

Het artikel kun je deze maand online lezen op de website van InformatieProfessional. Je kunt het ook downloaden uit de bestandenbox van Archief 2.0.

Gerelateerd leesvoer
- Amerikaanse studenten lezen over een Brabants archief
- Kiezen of transcriberen? Over de vraag hoeveel ontsluitingstijd je moet nemen

6 mei 2013

Kiezen of transcriberen? Over de vraag hoeveel ontsluitingstijd je moet nemen


In de afgelopen tien blogposts heb ik verslag gedaan van het colloquium "Tools, People and History" dat op 25 en 26 april plaatsvond in Leuven. Aanleiding was het project Itinera Nova van het Stadsarchief Leuven waarin het archief van de Leuvense schepenbank digitaal toegankelijk gemaakt wordt.

Verslag
Op de eerste dag stonden de tools en people centraal. Vanwege het teveel aan auto's op de Vlaamse snelwegen moest ik de inleidende woorden van projectleider Inge Moris missen, maar daarna werden de tools nog uitgebreid toegelicht. Manfred Thaller gunde ons een blik achter de technische schermen van het transcriptieplatform en aansluitend demonstreerde André Streicher de nieuwe annotatietool. Tot slot plaatste Ben Brumfield het project in een internationale context, waarna het hoog tijd werd voor de people. Daarmee bleken vooral de vrijwilligers te worden bedoeld. Claire Dejaeger vertelde daarom over haar trotse ervaringen als vrijwilliger in Leuven en Jan d'Hondt, archivaris van Brugge, ging in op de vrijwilligersprojecten van het Brugse stadsarchief. Als klapstuk kwam Richard Millington aan het woord, die vooral veel praktische tips gaf voor het motiveren en gemotiveerd houden van vrijwilligers binnen online community's.

Op de tweede dag was dan de history aan de beurt. Marika Ceunen, Geertrui Van Synghel, Jelle Haemers, Julie De Groot en Inneke Baatsen gingen repectievelijk in op de inhoud en onderzoeksmogelijkheden van de schepenbankregisters van Leuven, 's-Hertogenbosch, Gent en twee keer Antwerpen. Goed om te horen hoe rijk deze bronnen zijn en hoe prachtig ze kunnen vertellen over het dagelijks leven in vroeger tijden. Maar ook leerzaam om te zien hoe een goede aansluiting bij het onderwijs door archiefinstellingen kan zorgen voor waardevolle onderzoeksprogramma's.

Klikken op alle namen van hierboven brengt je tot uitgebreide verslagen van de presentaties. Al met al een interessant colloquium, dat ook stemde tot verder nadenken over het toegankelijk maken, beschikbaar stellen en laten benutten van oudere archieven.

Wat ik vind
Zoals ze het in Leuven aanpakken, dat vind ik mooi. Zeker de nabijheid van een universiteit geeft prachtige mogelijkheden om het schepenbankarchief vanuit allerlei kanten te laten belichten en onderzoeken. Bij de ontsluiting is rekening gehouden met manieren waarop de bron zo goed mogelijk toegankelijk kan worden gemaakt, vooral met het oog op de specifieke doelgroep van (wetenschappelijke) onderzoekers. Ook de wijze waarop vrijwilligers worden ingezet verdient respect. Iedereen kan daarvan leren.

Wat ik betwijfel
Toch heb ik ook wel wat twijfels. Zo is er in het hele proces van ontsluiten van de bron wel erg veel moderatie en controle. Ik denk, dat met wat minder controle er meer snelheid in het ontsluiten is te bereiken, zonder de kwaliteit van die ontsluiting zogezegd in gevaar te brengen. Leuven zou zichzelf in mijn ogen tekort doen, als ze niet zou experimenteren daarmee. Ik denk in dit verband ook aan de Franse ervaringen met tagging, zoals eerder beschreven (zie het verslag over de annotatietool).

Die gecontroleerde en gemodereerde manier van werken, maar ook de gekozen vorm waarbinnen de vrijwilligerscommunity werkzaam is, heeft nu ook tot resultaat dat vrijwilligers vooral lokaal worden gevonden. En dat terwijl juist ook op (grote) afstand kennis en kunde aanwezig zal zijn, die helpen bij het toegankelijk krijgen van deze bron. Voor mensen van ver weg zijn dergelijke projecten immers een welkome kans om de band met hun moedergrond te verstevigen. Bovendien, omdat onderzoekers op afstand veelal afhankelijk zijn van digitale dienstverlening, zijn ze vaak extra gemotiveerd om hieraan hun bijdrage te leveren. Ter illustratie hiervan leren de ervaringen van het BHIC dat op zijn forums het meeste werk wordt verzet door juist een aantal mensen in het buitenland.

Wat ik overdenk
Naast deze complimenten en twijfels, zijn er ook punten waarop ik door de presentaties in Leuven, en door de gesprekken met een aantal collega's, aan het denken ben gezet. Het gaat dan vooral over de diepte van het ontsluiten. In Leuven worden volledige transcripties gemaakt die uiteindelijk volgens de regels van TEI (Text Encoding Intitiative) worden opgemaakt. Daarnaast zijn indexen (op bijvoorbeeld personen en plaatsen) en scans van de akten aanwezig. Een enorm rijke ontsluiting, die volledig zal aansluiten bij de specifieke doelgroep van wetenschappelijk onderzoekers.

Iedereen is blij met hoe dit project verloopt (houden zo dus!?) en lijkt zich op geen enkele manier te betreuren om (of te laten ontmoedigen door) het feit dat het nog héél lang duurt voordat het allemaal af is. Het gaat in totaal om 950.000 pagina's; veel daarvan bevatten meerdere akten en een aantal akten zal ook gerust meerdere pagina's beslaan. In totaal zijn er nu, een kleine vier jaar na de start van het project, zo'n 10.400 akten getranscribeerd. Op deze manier zijn er dus letterlijk en figuurlijk nog eeuwen werk te verzetten. En dat is dan nog maar één bron...

Op het BHIC werken we veel met indexen en samenvattingen van akten (waaronder veel schepenakten) en dat gaat een stuk sneller (onze werkwijze is ook veel minder gecontroleerd en gemodereerd). Bovendien is onze ervaring dat veel onderzoekers wel doorklikken naar de scan (die in veel gevallen is gekoppeld aan de samenvatting) maar dat bij het ontbreken daarvan ze ook vaak genoegen lijken te nemen met slechts de samenvatting.

Kiezen
Uiteindelijk gaat het om keuzes en die zijn in Leuven en Den Bosch verschillend gemaakt. Beide zijn prima, gericht op andere doelgroepen, gemaakt binnen een ander beleidskader en een andere planning. Ik vraag me echter af waar in deze keuzes een bepaald omslagpunt ligt, vanaf welk moment een nóg betere ontsluiting vooral extra werk met zich meebrengt, maar relatief weinig extra gemak? Of vanaf welk moment een klein beetje extra moeite voor het ontsluiten een relatief flinke meerwaarde voor de onderzoeker oplevert?

Met Ben Brumfield, die toevallig in hetzelfde hotel logeerde, heb ik daarover ook doorgepraat. Het maken van samenvattingen gaat misschien sneller, maar misschien ook weer minder sneller dan je zou denken; je moet immers toch de hele akte lezen. En bovendien héél goed begrijpen, om daar een goede samenvatting van te kunnen maken. Aan de andere kant, tijdens het transcriberen gaat veel tijd verloren aan het soms eindeloze gepuzzel op een enkele letter.

Bedacht ik me nog, dat ook nieuwe ontwikkelingen als open data en datavisualisatie extra eisen stellen aan je toegankelijkheid. Die ontwikkelingen zijn namelijk vooral gebaat bij rijke informatiebestanden; een datavisiualisatie op een magere index geeft weinig spannends als resultaat. En hoe beperkter je toegang, hoe minder er als open data te linken en te koppelen valt. Aan de andere kant, zowel open data als datavisualisatie worden pas echt interessant bij grote hoeveelheden materiaal... en dan is snelheid in ontsluiten wel een plus.

Kortom
Tja, kies je er dus voor om in rap tempo heel veel bronnen op een beperkte manier toegankelijk te krijgen? Of kies je ervoor om in een veel lager tempo een beperkt aantal bronnen toegankelijk te krijgen, maar dan wel op een uitgebreide manier? En waar ligt daarin de balans? Het betere is immers als zo vaak de vijand van het goede, zeker bij archivarissen.

Een aloude discussie, in een nieuw licht bekeken. Goed om bij stil te blijven staan. En keuzes in te maken. Mijn gevoel en verstand strijden nog wat met elkaar...

Aanbevolen leesvoer
- Waar ik blij van word
- De vraag is alleen: wanneer?
- Archiefontsluiting door nerd-sourcing

Afbeelding: een monsterslak valt een ridder aan (bron: Smithfield Decretals, British Library, Royal 10 E IV, f. 107). Via een blogpost over historici en slakken

9 juli 2011

Het semantisch web tag voor tag #fmtc


Het toekennen van tags of labels is nog steeds de meest vrije, simpele en laagdrempelige manier voor de crowds om jouw toegangen inhoudelijk te verrijken. We zouden het allemaal veel vaker moeten gebruiken, maar goed, verder dan een stilgevallen pilot is het op het BHIC ook nog niet gekomen.

Gisteren las ik op NARAtions dat je als gebruiker van de catalogus van NARA, het Amerikaanse Nationaal Archief, nu ook tags kunt toevoegen aan documenten in de collectie. Mooi! Helaas nog wel alleen voor geregistreerde gebruikers en zelfs dan nog worden je tags eerst gescreend. In een reactie op de weblog heb ik naar de achtergrond van die keuze gevraagd, maar in de FAQ lichten ze die al gedeeltelijk toe: ze willen simpelweg geen anonieme user generated content, maar alleen tags waarvoor iemand zogezegd verantwoordelijk gehouden kan worden. Je account zal trouwens later tot een heus profiel worden uitgebreid, een beetje zoals ons Nationaal Archief gahetNA nu al heeft. Maar het blijft toch een leuke optie. Een voorbeeld van de nieuwe functionaliteit vind je bij deze brief uit 1861.

Nóg veel interessanter vond ik de eerste reactie op die blogpost, waarin gevraagd word of machine tags, zoals op Flickr, mogelijk zijn. Flickr, dat trouwens voor NARA de inspiratiebron vormde voor deze nieuwe mogelijkheid in hun catalogus.

Machine tags? Nooit van gehoord!

Ik ben niet zo'n held in dit soort technische dingen, maar bekijk bijvoorbeeld deze foto van zielige kinderen in Californië, gefotografeerd door Dorothea Lange. Onder de tags aan de rechterkant zie je een uitklaplijstje voor de machine tags, waaronder deze: dc:creator=http://nla.gov.au/nla.party-899601

Ziet er dus uit als metadata volgens een Dublin Core-schema, waarmee de maker van het object wordt beschreven, maar de machine tag werkt verder als een doodnormale tag in Flickr. Plak je echter de url uit de tag in de adresbalk van je browser, dan kom je uit bij een record in de database van de National Library of Australia over Dorothea Lange. En dat geeft ook meteen het nut aan van die machine tags boven normale tags: je weet nu wat de relatie is van Dorothea Lange tot de foto (namelijk ze heeft hem gemaakt) en je weet precies over welke Dorothea Lange het gaat (namelijk die van dat record in de personendatabase van de Australische nationale bieb).

Met machine tags maak je dus rijkere tags, tags met metadata zeg maar, waardoor je specifieker kunt zoeken omdat je tags meer betekenis krijgen. Inderdaad spin je door het maken van een machine tag dus een draadje van het semantisch web. Erg interessant! Al gaat het me nog een beetje boven de pet.

Het is goed om over de machine tag challenges te lezen. Ook foto's van ons gahetNA Nationaal Archief hebben trouwens al machine tags toegekend gekregen. Voor de liefhebbers onder ons van linked data!

Update 20 juli 2011
Inmiddels heeft Jill, de Social Media Manager van NARA, geantwoord op mijn vragen (zie de reacties). Tot nu toe hebben ze al 700 tags binnengehengeld. En naast het verwijderen van een aantal tags die duidelijk als test waren bedoeld, zijn er geen andere tags door de 'tagpolitie' tegengehouden.

Interessant is nog dat ze zegt misschien in de toekomst gebruik te willen maken van leden uit de community zelf om tags te monitoren. Daar zijn ze weer: citizen archivists

7 juni 2010

Pechtold over openbaarheid archieven


Mijn laatste post dateert alweer van 24 mei. Schande! Maar het weer was de laatste tijd heerlijk, dus ik heb lekker op m'n balkonnetje achterstallig leeswerk weg zitten werken, het ene papieren blad na het andere.

En zo stuitte ik in het Historisch Nieuwsblad op een interview met Alexander Pechtold over de openbaarheid van archieven. Volgens hem - en dat is in dit geval ook zo - lopen we in Nederland namelijk gruwelijk achter met het toegankelijk maken van ons archiefmateriaal. En bovendien lijkt geheimhouding daarbij eerder dan openbaarheid de norm. Het is volgens de politiek leider van D66 onduidelijk wat openbaar is en wat niet. Wie mag wanneer wat inzien? En er moeten volgens Pechtold duidelijker selectiecriteria en termijnen worden vastgelegd.

Koninklijk Huis
Als - in mijn ogen ongelukkig gekozen - eerste voorbeeld geeft hij het Koninklijk Huisarchief, natuurlijk specifiek aangaande documenten over Bernhard en de Lockhead-affaire. Naar mijn idee vliegt Pechtold daar even uit de bocht als hij zegt dat privé-documenten, zoals ansichtkaarten en foto's, gewoon buiten dat archief moeten worden gehouden en dat de rest dan zo snel mogelijk openbaar gemaakt moet worden. Hij gaat daarbij namelijk voorbij aan het feit dat in werkelijkheid het héle Koninklijk Huisarchief een privé-archief betreft. Maar Pechtold ziet het eerder als een overheidsarchief, waarin per ongeluk ook wat persoonlijk papierwerk is terechtgekomen.

Verder snijdt hij wel goede punten aan. Over de behandeling van Wob-verzoeken bijvoorbeeld. Die duren volgens hem in Nederland wel vier weken terwijl iets soortgelijks in Amerika al met vier uur is bekeken. Met beide situaties heb ik zelf geen ervaring, maar meer snelheid op dat vlak lijkt me voor het goed functioneren van onze democratie wel van buitengewoon belang.

Geheim!
In die context haalt Pechtold ook een relevante uitspraak van de commissie Davids aan, die onderzoek deed naar de Nederlandse steun aan de oorlog in Irak. Er blijft volgens de commissie te veel geheim en er zou volgens Pechtold dan ook een instantie moeten komen die steekproefsgewijs controles uitvoert naar de geheimhouding van archiefstukken. Daarnaast moet er een lijst komen van geheime stukken, zodat onderzoekers weten wat wanneer openbaar wordt.

Geheimhouding is volgens de voorman van D66 nu vaker regel dan uitzondering, terwijl er eigenlijk simpelweg zoveel mogelijk toegankelijk (hij bedoelt: openbaar) moet worden gemaakt. "Nee, tenzij" moet veranderen in "ja, mits."

Smakelijk
Ik ben het deels met Pechtold eens. Het is beschamend dat we nog steeds met zulke grote achterstanden kampen bij het toegankelijk maken en overbrengen van archieven. Daarnaast zijn er inderdaad talloze documenten waarbij je jezelf afvraagt waarom ze nu nog steeds het predikaat 'niet openbaar' dragen. En ja, ook de trage termijnen waarbinnen Wob-verzoeken worden afgehandeld moeten aangepakt worden. Meer en sneller openbaar dus en - in Pechtolds woorden - minder geheimhouding.

Maar ik proef dat de standpunten van Pechtold sterk gekleurd zijn door enkele spraakmakende onderwerpen en voorvallen. Ook de keuze voor een woord als 'geheimhouding' doet denken aan situaties waarin spannende zaken bewust onder de pet worden gehouden. Maar goed, zulke taal is natuurlijk de politiek eigen.

Van zo'n lijst van geheime stukken zou in de praktijk vermoedelijk ook Alexander Pechtold niet echt gelukkig worden. Waarschijnlijk verwacht hij eerder een selectie van geheime stukken rond smaakmakende zaken: zogezegd de geheime topstukken. Maar ja, dan moet er vast nog een extra controlerende instantie opgericht worden om op haar beurt het selecteren weer te controleren.

Ik ben eigenlijk wel benieuwd naar de standpunten die andere partijen hebben ingenomen waar het ons vakgebied betreft. Nog eens naar zoeken vanavond...

Plaatje: Responsibility-Freedom Demands It

4 mei 2008

Tagging in Vista / Tagging in Vista


For English translation, please see the blue text below

Pas nu ik regelmatiger met Windows Vista werk, komen ook allerlei nieuwigheden bovendrijven. Zo viel het me vandaag ineens op dat ik in Vista tags aan m'n bestandjes kan toevoegen. Zo kan ik allerlei dingen handig terugvinden, dacht ik.. maar na een paar minuten liep ik al tegen wat beperkingen op.

Het taggen werkt namelijk alleen bij documenten van Microsoft Office en jpeg-afbeeldingen, voor zover ik nu overzie. Gewone txt-bestanden kun je bijvoorbeeld niet taggen.. en die gebruik ik nou eenmaal erg graag en vaak.. :-(

Op Lifehacker vond ik vervolgens een artikel waarin een en ander duidelijk wordt uitgelegd, ook rond de inderdaad sterk verbeterde zoekmogelijkheden in Vista.

Jammer dus dat die tagfunctionaliteit maar half is uitgewerkt, maar uit de reacties op Lifehacker haal je wel weer allerlei tips en truuks om de mankementen van Windows te omzeilen! :-)

Plaatje

ENGLISH TRANSLATION

Only now, since I'm getting to use Windows Vista more regularly, all sorts of new things appear at the surface. For example it has been only today when I found out about the option to tag my files in Vista. That way I could find all my things again, so I thought.. but after a couple of minutes already I stumbled upon some limitations.

The tagging only works with documents from Microsoft Office, and jpeg images, as far as I can tell right now. Plain txt files, for example, can't be tagged.. and that is the ones that I use most eagerly and often.. :-(

On Lifehacker I found an article, which explains some of this in a very clear way, as well as explaining something about the new search functionality in Vista, that indeed has been improved a lot.

Too bad that the tag function is only halfway done, but from the comments on Lifehacker you can catch some tips and tricks to work around Windows limitations! :-)

Image

4 april 2008

Leuke plaatjes voor de mensen / Nice pictures for the people


For English translation, please see the blue text below

Gisteren hamerde ik er bij die studentes nog op om onze (ahum) collecties vooral open te gooien voor het publiek, om er beschrijvingen en tags aan toe te laten voegen, om ze aan andere dingen te laten koppelen, om ze op een eigen site of blog te laten gebruiken, om ze.. Nou ja, alles eigenlijk.

Goed gevolgd..
En vandaag lees ik in dit bericht op de blog van Jessamyn West dat de Boston Public Library, die sinds kort ook in Flickr is gesprongen, naar aanleiding van reacties op een eerder bericht van Jessamyn, mensen nu ook laat taggen en doen bij hun collectie.

Mooi om te zien hoe ze bij die Bostonse bieb blogs en reacties volgen.. en er ook iets mee doen!

..naar goed voorbeeld
En dat ze gelijk hebben, dat weten ze bij de Library of Congress al een tijdje, want zij zaten al in Flickr. Kijk eventjes hoe mooi het volk hun fotocollectie toegankelijk maakt.

Ik zeg: niet meer over praten, maar gewoon doen dus! :-)

Plaatje

ENGLISH TRANSLATION

Yesterday I still hammered into those students that we need to open up our (ahem) collections for the public, for letting them add descriptions and tags, for letting them link them to other things, for letting them use them on their own site or blog, for letting them.. Oh well, about anything actually.

Well followed..
And today in this post on the blog of Jessamyn West I read that the Boston Public Library, which is recently to be found on Flickr, after following comments on an earlier post of Jessamyn, now also lets people tag and do stuff with their collection.

Good to see that at the Boston library they read blogs and comments.. and actually act upon them!

..a good example
And in that they're right, and already known at the Library of Congress for a little while, because they already were in Flickr. Please check for a moment how wonderful the crowds have made their photo collection accessible.

I say: stop talking about it, and just start doing so! :-)

Image

27 maart 2007

Wanneer werken tags... en wanneer niet?


Dit keer geen berichtje over Second Life, maar een berichtje over tags. Ik kreeg - wel doorgestuurd door een SL bieb'er trouwens - een artikel te lezen met als titel When tags work and when they don't: Amazon and LibraryThing. Een leuk en leesbaar artikel!

In dit artikel zet de auteur de resultaten uiteen van een vergelijkend statistisch onderzoek naar het gebruik van tags op twee websites: Amazon en LibraryThing. De eerste is een boekenwinkel, de tweede een persoonlijke catalogus, die ook gekoppeld kan worden aan die van anderen.

Conclusies
Nou, direct maar de belangrijkste conclusie dan:


Tagging works well when people tag "their" stuff, but it fails when they're asked to do it to "someone else's" stuff.


Je krijgt mensen niet aan het taggen, als je ze daar niks voor terug geeft:


We all make our beds, but nobody volunteers to fluff pillows at the local Sheraton.


Nummertjes...
Amazon heeft wel zestig miljoen geregistreerde gebruikers en staat in de top van drukst bezochte websites. Waarom, met duizenden keren zoveel verkeer als LibraryThing, heeft die laatste dan tien keer zoveel toegewezen tags?

Doet dit er wel toe? jazeker, wordt gezegd. Als aan een boek (of iets anders) maar een paar tags zijn toegewezen, dan kunnen die meer ruis veroorzaken, dan gemak. Bijvoorbeeld omdat ze slechts de toevallige toewijzing van tags van één lezer weerspiegelen.

Maar als er honderden tags zijn toegevoegd, waarvan er enkele in aantallen ver boven de anderen uitstijgen, dan zijn deze hoogstwaarschijnlijk ook daadwerkelijk relevant voor dat boek.

De hoeveelheid bepaalt dus op den duur de waarde, de relevantie van de tags.

Komt het ooit nog goed?
De auteur geeft tips voor tagging op commerciële sites... maar of het echt veel helpt? Geen idee. Het blijft immers commercieel, het hoogste doel blijft verkopen.


Amazon is a store. Organizing its data is as fun as straightening items at the supermarket. It's not your stuff and it's not your job.


Trouwens, ook de reacties op dit artikel zijn de moeite waard!

1 maart 2007

Iedereen kan ontsluiten!

Inventarisatie... Het toegankelijk maken van archiefmateriaal. Erg belangrijk, maar aan mij niet zo besteed, heb ik gemerkt. Ik heb het voldoende gedaan, ik weet er voldoende van. Maar daar laat ik het bij. En dat is voor de onderzoeker maar beter ook... ;-)

Maar ik zeg al, het is belangrijk. Informatie moet immers toegankelijk zijn. Informatie in archieven, onderzoeksresultaten in archiefdiensten, alles eigenlijk. En daar komt steeds meer van hè?!

Hoe gaan we dat doen als we straks virtuele historische werkplaatsen en digitale studiezalen hebben? Dat gaan we vast niet allemaal zelf ontsluiten, toch? En ook een full text zoekoptie is niet altijd handig hoor.

Zoekmachines en startpagina's...
Hoe wordt sowieso het internet toegankelijk gemaakt? Ik ben geen kenner, maar kom wat vroeger betreft steeds uit op twee manieren: via zoekmachines en via startpagina's.

Van de eerste gebruikte ik gedurende m'n studiejaren in de jaren '90 vooral AltaVista. (De link en het plaatje zijn meer voor de nostalgie hoor... Ik ben er al jaren niet meer geweest.) Nu vooral (natuurlijk?) Google.


Startpagina's heb ik eigenlijk nooit zoveel gebruikt. Misschien ben ik niet zo van de voorgekauwde structuren. Eigenlijk heten die dingen ook niet eens startpagina's, geloof ik, maar portals. Maar dat bewijst dan weer het succes van Startpagina.nl, met nog steeds zo'n 4.000.000 bezoekjes per dag.

(Tussendoor: van een collega kreeg ik een tijdje terug wel de tip Eigenstart.nl eens te bekijken. Dan kun je je eigen startpagina maken, wat ik vooral op het werk inzet. Makkelijk bijvoorbeeld, om voor de dienstverlening handige links bij elkaar te houden.)

...en tags!
Genoeg geschiedenis nu. Tijd voor tags! Tags zijn een soort trefwoorden. Je kunt er categorieën mee maken, maar er zit geen hiërarchie in. Deze blog gebruikt ook tags, alleen worden ze hier labels genoemd. Geen idee waarom ze dat hebben gedaan, maar goed.

Tags zijn een belangrijk onderdeel van het hele web 2.0-gebeuren. Dat gaat namelijk ook over ons. Zelf iets maken, samen iets maken, delen enzovoort. Met tags ken je eigen waarde toe aan eigen inhoud en die van anderen. En als je dat in een tag cloud - gewoon een wolkje met tags - laat zien, dan ziet het er nog modern uit ook.


Het meest bekende voorbeeld is op dit moment wel del.icio.us. Via deze site kun je tags toekennen aan andere sites. Zo krijg je een eigen website met links naar sites die je goed vindt. De tags zorgen voor een soort van rubricering. Je kunt zoveel tags als je wilt aan een site hangen.

Het leuke is dat ook anderen dus tags gebruiken. En vaak zul je ook dezelfde gebruiken. Nee, er zijn geen standaardlijstjes... Je mag woorden pakken die je zelf gemakkelijk vindt hoor.

Door tags van iedereen aan elkaar te koppelen, zie je ook welke sites anderen hebben gevonden. Die zijn misschien voor jezelf ook weer interessant. Zo ontstaat een netwerkje van sites over hetzelfde onderwerp.

Tags zijn dus een typische manier van toegankelijk maken, volgens het motto voor ons en door ons.

Kunnen wij dat wel aan?
En ik denk dat wij tags ook kunnen inzetten in onze eigen digitale plannen. Het past ook mooi binnen de ontwikkeling dat alle archieven op hun site persoonlijke mapjes willen laten aanmaken door klanten. Zo werkt het BHIC aan Mijn BHIC voor de website. En hopelijk komt er ooit nog eens een landelijk Mijn archief of zo. Duurt nog even, maar komt hopelijk wel.

En tags kunnen daarvan een prima onderdeel uitmaken. Laat iedereen maar tags toekennen aan onze pagina's. En laat iedereen maar tags toekennen aan hun eigen verhalen en foto's. En die van anderen. En laat ze vooral ook elkaars tags gebruiken, als ze dat willen. Vinden door klikken.

Dat scheelt ons weer een boel werk... en zo weet je zeker dat klanten de toegang krijgen die ze nodig denken te hebben. Iedereen blij met tags! Of labels dan, ook goed. Dan geven we het inventariseren toch een heel klein ietsiepietsie uit handen hè. Maar ik overleef dat wel... ;-)

27 februari 2007

Archivarissen in Second Life!

Er liepen al bieb'ers rond. En ook al stamboomvorsers... Maar vanaf nu in georganiseerd verband dan ook archivarissen!

Bij gebrek aan een eigen groep voor onze beroepsgroep in Second Life (SL), heb ik er zelf maar eentje opgezet. En daarbij hebben zich al enkele enthousiastelingen aangemeld. Niet allemaal pure archivarissen overigens, maar dat is juist ook de charme van dit wereldje.

Samen met Donna Dinberg (in SL Dinnie Devonshire) ben ik nu de trotse owner van de groep Archivists of Second Life. En Donna was ook zo vriendelijk om de helft van de stichtingskosten van wel 100 Linden dollars achteraf bij te lappen. Ik weet de exacte wisselkoers niet, maar ik denk dat dit bedrag zo rond de halve euro ligt. Nou, het gaat meer om het idee van samen delen hè!


Op haar dakterras hebben we al wat gebrainstormd over wat er allemaal wel niet mogelijk is. (En voor de goede orde: dat we op de foto geen haar hebben, komt door de trage computer! In het echt heb ik her en der nog wat staan, dus...)

Binnenkort hebben we een eerste vergadering met de nieuwe groep. Belangrijk agendapunt is wat we als archivarissen kunnen betekenen in dit tweede leven. Wilde plannen zat! Van het houden van tentoonstellingen tot het nadenken over archiveringsvraagstukken hier. Stel dat overheden in SL handelingen gaan verrichten die onder een Archiefwet vallen... ;-) Nou, stof tot praten dus...

Dezelfde wereld, maar dan anders
Oh ja, gepraat werd er ook veel op een andere vergadering. Toevallig kon ik aanschuiven bij de groep die zich bezighoudt met het toegankelijk maken van de bronnen in SL en zelfs daarbuiten. Welke doelgroep? Welke informatie? Welke mogelijkheden? Welke velden? Welk systeem? Het lijkt wel werken! (En voor sommigen is dat ook echt zo.)


Als archivaris had ik her en der nog wat specifieke inbreng. Mooi al een pluspuntje voor de nieuwe groep! Maar voor de rest...

Tjee, dat vergaderen valt namelijk echt niet mee hoor. Collega's van het werk, als jullie dit lezen, niet lachen... maar ik kwam er bijna niet tussen daar! Met een man of tien werd er druk gechat, de zinnen vlogen over m'n scherm. En ik zat ook nog niet helemaal in de stof, dus dit was hard werken hoor!

Desgevraagd begreep ik ook dat ik de enige was met dit probleem... Alhoewel mijn idee voor een wat andere behandeling van de dingen wel eventjes werd overgenomen. Maar goed, alles went. Stoel extra nodig? Die tover je uit je inventory, je digitale broekzak zogezegd. Maar dan een ter grote van een warenhuis. Makkelijk hoor.

De vergaderstijl was informeel, maar toch ook zakelijk, er zijn wat afspraken gemaakt en in werkgroepjes worden onderdelen verder uitgewerkt. Het wat is besproken, verder gaat het over het hoe. Nogmaals, het lijkt m'n eerste leven wel.

Oké, alleen praat ik daar zelf wat meer... ;-)